Magazine Contact #19 - Magazine - Over ons - Concept Wiesner-Hager
back

“Wij hebben (kantoor-)gebouwen met een aangename sfeer nodig!”

Magazine Contact #19

Philipp Kaufmann is een drukbezet mens met – mede door het beroep van zijn vader – architectenbloed in zijn aderen. De combinatie van bedrijfseconoom, investeerder en wetenschapper aan de universiteit van Wenen leverde hem in de pers de titel “ImmoNomade tussen theorie en praktijk“ op. Wij spraken met hem over zijn lievelingsthema: de duurzame vastgoedsector.

Mijnheer Kaufmann, u pleit voor een duurzame vastgoedsector. Wat bedoelt u daarmee?

Kaufmann: “De bouw- en vastgoedsector kan de kwestie van duurzaamheid niet meer ontwijken. Een branche die voor 50 procent van het verbruik van de natuurlijke hulpbronnen, 40 procent van het eindverbruik van de energie en 30 procent van de CO2-emissies verantwoordelijk is, moet uit eigen beweging de verantwoordelijkheid op zich nemen. De nieuwe toverformule luidt: transparantie en kwaliteit. En juist op dit gebied heeft Wiesner- Hager een mijlpaal gezet en ziet erop toe dat economisch handelen en de publieke beschikbaarheid van ecologische kengetallen elkaar niet tegenspreken - transparante gegevens creeren vertrouwen en zijn de basis voor betere beslissingen.”

 

Samen met de econoom Gunther Maier richtte u in 2009 de OGNI (Oostenrijkse Vennootschap voor een Duurzame Vastgoedsector [Osterreichische Gesellschaft fur Nachhaltige Immobilienwirtschaft]) op. Hoe kwam het tot deze stap?

Kaufmann: “Het idee dat de bouw- en vastgoedsector zelf actief aan de paradigmaverandering naar duurzaamheid vorm dient te geven, bracht ons bij elkaar. Drie hoofdgedachten zijn voor de vennootschap zonder winstoogmerk van doorslaggevend belang: het definieren van internationale standaards, de verankering in de branche en het benutten van bestaande, op de markt aanwezige krachten.”

 

De OGNI handelt in overeenstemming met het zelf ontwikkelde 3P-principe (producten, processen en personen). Wat moeten we ons daaronder voorstellen? 4

Kaufmann: “Het is een op de totaliteit gerichte visie die de drie zuilen producten (onroerende goederen en bouwmaterialen), processen (in bedrijven maar ook in samenwerkingsmodellen ) en personen omvat. Wat dat betreft zijn onze “producten” het systeem dat we gebruiken voor het opstellen van energieprestatiecertificaten van de DGNB, het zogenaamde DNGN- Gebaudebewertungssystem, voor nieuwe bouwprojecten, en de BlueCARD als “sticker” voor de analyse van bestaande gebouwen. Wat “processen” betreft kunnen bedrijven uit de bouw- en vastgoedbranche zich voor hun moreel handelen laten certificeren. Dit moet in de branche leiden tot meer integriteit, transparantie en eerlijkheid. Met “personen” worden die mensen bedoeld die over voldoende competentie beschikken om de duurzaamheidsidealen werkelijk te realiseren.”

 

Hoe functioneert de beoordeling door het DGNB-systeem?
Kaufmann: “De opdrachtgever machtigt een bij de OGNI geaccrediteerde auditor. Deze begeleidt hem op de weg naar de verlening van het certificaat: allereerst worden de doelstellingen gedefinieerd. Daarna wordt er door de opdrachtgever een bindende intentieverklaring afgegeven om de prestatiecriteria van het object te realiseren. Nadat de toets van deze criteria tot een positief resultaat heeft geleid, kan er een zogenaamd voorcertificaat worden verleend. Na de voltooiing van het gebouw onderzoekt de OGNI of de doelen in acht werden genomen en ontvangt de opdrachtgever al naar gelang de mate waarin de criteria werden gerealiseerd, een kwaliteitskenmerk in goud, zilver of brons.”

 

Welke voordelen biedt een certificering?

Kaufmann: “Duurzame gebouwen nemen in de branche een steeds grotere plaats in, want zij reduceren de behoefte aan energie, drinkwater of grondstof zonder daarbij het comfort en de levensstandaard van de gebruiker in te perken. De certificering maakt deze kwaliteiten zichtbaar. Dit motiveert om in duurzaamheid te investeren, aangezien het voor de investeerder rendabel is.” Hoe staan architecten en planologen tegenover het DGNB-systeem? Kaufmann: “Zij vormen de grootste groep OGNI-leden en zijn bij de ontwikkeling van het systeem van doorslaggevende betekenis geweest. Zij gebruiken het als planningstool voor alle ontwikkelingsfasen op weg naar een ‘Blue Building’. ”

 

Welke invloeden hebben onroerende goederen op de dagelijkse gang van zaken op het kantoor? Kaufmann: “Circa 92 procent van ons leven brengen wij in gebouwen door. Veel factoren zijn voor de gezondheid van de mensen belangrijk. In het ergste geval maken gebouwen mensen zelfs ziek. In de wetenschap wordt in dit verband over het zogenaamde sick-building-syndroom (SBS) gesproken en zijn er indicaties dat bijna 20 procent van de ziekten daardoor ontstaan (bijvoorbeeld hoofdpijn, hoesten, duizeligheid, misselijkheid, geirriteerde huid). Vandaar mijn oproep: ‘Wij hebben (kantoor-) gebouwen nodig waarin een aangename sfeer heerst!’ Gebouwen dus die de ecologische effecten tot een minimum beperken en tegelijkertijd economische en socio-culturele kwaliteiten optimaliseren, dus: blue buildings.” Blue buildings zijn de nieuwe green buildings.

 

 

Wat is het verschil?

Kaufmann: “De verdere ontwikkeling hebben wij aan de EU te danken. Zij kwalificeert energie-efficiente gebouwen als green buildings. Om die reden hadden gebouwen die niet alleen beantwoorden aan de energie-efficiente eisen maar aan alle dimensies van de duurzaamheid – dus ecologie, economie en socio-culturele factoren – een nieuwe naam nodig: blue buildings.”

 

Hoe wordt er met de bestaande gebouwen omgegaan? Kunnen blue buildings worden gesaneerd en is dat zinvol respectievelijk betaalbaar?

Kaufmann: “Zonder het bestand worden de duurzaamheidsdoelstellingen niet bereikt. Van de baksteen die al geproduceerd is, moet zo lang mogelijk gebruik worden gemaakt, toch? En juist om deze reden hebben de leden van de OGNI om transparantie te creeren de BlueCARD als type goedkeuringscertificaat voor het bestand ontwikkeld. Door de huidige technologieen is het mogelijk om de energie-efficientie van een bestaand gebouw met 50 tot 60 procent en nog meer te verbeteren.”

Magazine abonneren!

U krijgt ons magazine met informatie uit de markt en over Wiesner Hager.