Magazine Contact #20 - Magazine - Over ons - Concept Wiesner-Hager
back

Hup, de kist in

Magazine Contact #20

Het Melbourne-filiaal van het Australische expeditiebedrijf Royal Wolf werkt met een bouwsteen uit de eigen branche. Pas bij de tweede keer kijken is te zien dat het elegante kantoorgebouw bestaat uit containers. In totaal 14 tweedehands, afgedankte stalen kisten kregen op deze manier een tweede leven na de containerdood.

Links van de weg, ergens langs de stadsrand van Melbourne, op een plek die oogt als elke andere voorstad op de wereld wanneer de leefruimte van de mens plaats maakt voor tankstations, garages en kartonnen burgerdozen, duikt hij plotseling als uit het niets op: van veraf ziet de donkere, bijna zwarte kantoorbungalow eruit als een staaltje moderne kunst, iets van Ludwig Mies van der Rohe misschien, en doet het hoekige conglomeraat een beetje denken aan een verkleind citaat van de Nationalgalerie in Berlijn. "Het is ongelooflijk wat men van dit materiaal allemaal kan maken", zegt Aaron Roberts. Hij is projectleider bij Room 11 Architects en heeft de bouw van het ongewone complex tot en met de laatste twistlock- handgreep sleutelklaar begeleid. "Om eerlijk te zijn had ik tijdens het ontwerpproces het gevoel alsof ik terug was in mijn jeugd. Het is alsof je met grote bak- of Lego-stenen aan het bouwen bent." Feitelijk bestaat het nieuwe Melbourne-hoofdkantoor van Royal Wolf uit gangbare stalen kisten en afgedankte zeecontainers. Royal Wolf is een expeditiebedrijf voor transporten over de weg, het spoor en het water en houdt zich bezig met de verhuur en verpachting van verschillend uitgeruste containers.

 

"Wij willen zichtbaar maken waarvoor deze branche staat", vertelt Roberts, die de door Royal Wolf uitgeschreven architectuurwedstrijd won en in lyrische  bewoordingen – een plezier om naar te luisteren – verwijst naar de theorie van de Franse Revolutie-architecten, naar de zogenoemde architecture parlante. "En wij willen het bedrijf zo dicht mogelijk bij de praktijk en authentiek presenteren. Ik denk dat die benadering de doorslag gaf voor het feit dat de opdrachtgever voor ons heeft gekozen."

 

De terughoudende elegantie van het gebouw, aldus Roberts, is een bewuste keuze geweest. Elke Australiër kent de blauwe containers met het gele wolfskop-logo, en op straat is dit knallende beeld, dat steeds weer in het landschap opduikt, beslist legitiem. "Maar zodra iets mobiels langzamer wordt, tot stilstand komt en ten slotte naar immobiel muteert, dan moet men iets degelijker, iets discreter optreden. Dat is precies wat we hebben gedaan."

 

Hoewel de containers al enkele tienduizenden landen zeemijlen erop hebben zitten, is hun geschiedenis ze nauwelijks aan te zien. Tien 20-voet en vier 40-voet lange, gebruikte zeecontainers werden hier in totaal gebruikt.

Om tegen het soms hete klimaat in het zuiden van Australië bestand te zijn, werden de containers opgewaardeerd met een extra binnengevel en een ertussen liggende, 15 centimeter dikke isolatielaag.

 

Voor een goede akoestiek in de binnenvertrekken zorgen de zachte, behaaglijk aandoende kurkvloeren evenals het gekante oppervlak van de stalen huid van muren en plafond. Van de uitgestrektheid van de zee is in deze omgebouwde transportcontainers werkelijk niets te zien; van de hectiek van de provinciale weg net zo min. Terwijl het Royal-Wolf-Office zich in verregaande mate van de buitenwereld afzondert, is het naar binnen toe geopend met een paar kleinere en grotere atriums met groen in de vorm van grassen, struiken en bomen. De stalen wanden van de containers zijn hier vervangen door kamerhoog glas en schuifdeuren. Niet het geringste spoor van een industrieel provisorium.

 

De 14 werkplekken die het kantoor momenteel heeft, stralen met een tot wit gereduceerde esthetiek die niet  onderdoet voor een galerie voor moderne kunst, inclusief het binnenplaatsterras voor de middagpauze. "Je kunt een container niet één op één van de vrachtboot takelen, op het perceel plaatsen en meteen een paar bureaus erin zetten", legt de architect uit. "Maar ook wanneer je rekening houdt met de achteraf aangebrachte isolatie, de akoestische maatregelen, de montage van ramen en de oppervlakteveredeling binnenin, is een gebouw als dit toch behoorlijk wat sneller en voordeliger gebouwd dan een vergelijkbaar project dat op een gebruikelijke wijze wordt gerealiseerd." 900.000 Australische dollars, ongeveer 650.000 euro, heeft de bouw gekost.

 

"En waar zie je een architectonisch project waarbij men de afzonderlijke bouwstenen met twistlocks verbindt. Rits, rats, dat heeft wel wat!" Het gaat Aaron Roberts vooral om de vaak misbruikte begrippen duurzaamheid en recycling. "Zo'n huis bouwen van nieuwe, ongebruikte containers zou ecologische waanzin zijn, want voordat de grondstof staal in deze vorm is gebracht, zijn er al enorme hoeveelheden grijze energie verbruikt. Maar in een project als dit maken we gebruik van elementen die anders op de schroothoop of het containerkerkhof zouden belanden." Zolang de mensheid goederen over de wereldzeeën verstuurt, zolang er op deze wereld containers en expeditiebedrijven zijn, aldus Roberts, zolang is ook containerarchitectuur een waardevolle bijdrage aan de besparing van grondstoffen en milieubescherming.

 

Wojciech Czaja

Magazine abonneren!

U krijgt ons magazine met informatie uit de markt en over Wiesner Hager.